Om de twee minuten stilte op vier mei is jarenlang veel te doen geweest. Pas sinds 1988 is het rustig omtrent het onderwerp. “Na de oorlog was het volstrekt onduidelijk hoe je moest herdenken”, vertelt Eddy Boom van Comité 40-45 Hoorn. “De gemeenten en kerken hadden de leiding. De verzetspartijen waren bijvoorbeeld helemaal niet betrokken. Maar wie bepaalt wat je herdenkt?” Tijdens een lezing vanavond in het Oorlogsmuseum in Medemblik gaat Eddy Boom hier dieper op in.

In Hoorn zijn er in het verleden op een dag wel eens drie herdenkingen geweest”, aldus Boom. “Op Hemelvaart of op zondag mocht er van de kerken niet herdacht worden en werd het een dag verschoven. De herdenking vond ook wel ’s morgens plaats. Uiteindelijk is het mandaat gegeven aan het Comité 40-45 en in 1988 is de huidige herdenking ingevoerd.”

Toen Boom in 2008 voorzitter werd van Comité 40-45 Hoorn was de stille tocht nog echt stil. “Sindsdien hebben we een spreker en een kinderdichter.” Daar kwam ook wel kritiek op. “Dan is het toch geen stille tocht meer?”

Ook de viering van 5 mei is aan verandering onderhevig. “Vroeger waren er bevrijdingsfeesten, grote bijeenkomsten bijvoorbeeld in het Olympisch Stadion met tienduizenden mensen. Daar werd dan de oorlog geïmiteerd.”

800 deelnemers

De wil om te herdenken lijkt volgens Boom steeds sterker te worden. “Vorig jaar liepen er in Hoorn misschien wel 800 mensen mee. Het is ontroerend te zien hoeveel volwassenen en kinderen de stille tocht meelopen. Al die mensen die zich ervoor hebben ingezet dat wij ons vrij kunnen bewegen en vrij kunnen denken verdienen dat ook.”