Met heel veel blijdschap is er in Hoorn gereageerd op een toegezegd bedrag van 4.000 euro. Dit geld is bestemd voor Musical Popkoor Broadway, dat in november een drietal concerten geeft in schouwburg Het Park. Ineke Smits van het popkoor vertelt tegen WEEFF/NH Nieuws dat het geld ook hard nodig is om de concerten te kunnen houden.
Na een zorgvuldige procedure om de aanvraag voor een subsidie in te dienen, is bekend geworden dat Musical Popkoor Broadway een bedrag krijgt van 4.000 euro. Dit geld komt van het Prins Bernhard Cultuurfonds, dat zich inzet voor culturele stichtingen in Nederland.
Ineke Smits van het popkoor is blij dat zij dit bedrag toegezegd hebben gekregen, dat gebruikt wordt voor hun ‘See the Music’-concerten. “Dit is prachtig”, zegt ze. “En het geld hebben we ook heel hard nodig. Het organiseren van zulke concerten kost nu eenmaal veel geld, maar dat hopen we ook met de kaartverkoop weer op te brengen.”
Met het bedrag worden de algemene onkosten voor de concerten betaald, maar ook de ophanging van lichtinstallaties en andere apparatuur die nodig is om de drie avonden te kunnen organiseren.
De liedjes die gezongen worden tijdens de concerten op 4, 5 en 6 november worden volledig uit het hoofd gedaan door het koor. Dat betekent dat er veel gerepeteerd moet worden. En ook aan het visuele aspect wordt veel gedaan. “Zo zal er tijdens het optreden een groot scherm achter het koor staan, waarop de artiest die het nummer zingt te zien zal zijn”, licht Ineke toe. “Op het beeld zie je deze dan zingen, terwijl het geluid bij ons vandaan komt.”
Groene Kerkje
In totaal geeft het Prins Bernhard Cultuurfonds 34.370 euro aan culturele instellingen in West-Friesland. Dit geld wordt verdeeld onder acht stichtingen en instellingen in Medemblik, Drechterland en Hoorn.
Het hoogste bedrag in de regio is bestemd voor Het Groene Kerkje in Lambertschaag. Zij ontvangen een bedrag van 9.370 euro, dat besteed wordt aan de restauratie van Bijbelse panelen. In de gemeente Medemblik is daarnaast 4.500 euro door het cultuurfonds aan Kasteel Radboud gegeven voor een tentoonstelling.


