Voor de 114e keer staat Opmeer morgen in het teken van paarden, koeien, schapen en andere dieren. De jaarlijkse Landbouwshow is het grootste agrarische evenement van Noord-Holland en probeert stad en land bij elkaar te brengen.
Voor de 70-jarige Wim Staal is het de tiende editie die hij als voorzitter meemaakt. In de drukste week van het jaar heeft hij logischerwijs weinig tijd voor zijn melkveebedrijf, dat hij met zijn zoon René bestiert. “Ik heb een soort van vakantie,” zegt hij met een knipoog.
Komende maandag vindt de Landbouwshow voor de 114e keer plaats. De traditie op landbouwgebied brengt zo’n 10.000 mensen op de been, vanuit heel Nederland.
Van Groningen tot Limburg
“Deelnemers komen van Groningen tot Limburg naar Opmeer. Er is iemand uit Noord-Limburg die met zijn paard en rijtuig bij de openingsact betrokken is. Die vertrekt om 2 uur ’s nachts van huis. Om 6 uur ’s ochtends staat het op de A.C. de Graafweg al aardig vol”, weet Staal.
Wat volgt is een dag vol paardensport, veekeuringen en shows. Voor de paardenliefhebber zijn er shows en nationale en regionale wedstrijden met tuigpaarden, Hackney’s, Friezen en springpaarden.
Daarnaast is er een dressuurshow en zijn er keuringen van melkvee, schapenrassen, geitenrassen, alpaca’s en klein- en pluimvee. Eric Groot uit Spanbroek is wereldkampioen schapendrijven. Hij geeft in Opmeer een demonstratie met bordercollies.
De Landbouwshow wil zich steeds meer profileren als een ideaal gezinsuitje. “We proberen steeds meer om stad en platteland op deze dag bij elkaar te brengen. Dat lukt steeds beter, want we zien dat ook de bezoekers overal vandaan komen.”
“Het voelt bijna als een verplichting om mij hiervoor in te zetten”
Wim Staal – voorzitter Landbouwshow Opmeer
De zogenoemde pretkaart moet het aantrekkelijker maken voor kinderen. Verspreid over het terrein kunnen de jongste bezoekers verschillende activiteiten doen. “Het is net als tijdens de vakantie: als zij zich vermaken, dan vermaken de ouders zich ook.”
Het tienkoppige bestuur, de mensen uit verschillende commissies en de honderd vrijwilligers maken zich op voor een bedrijvige dag. “Natuurlijk kost het veel tijd om dit te organiseren. Maar er is zoveel enthousiasme, dat geeft veel energie. Het voelt bijna als een verplichting om mij hiervoor in te zetten. Als ik ooit stop als voorzitter, hoop ik dat dit evenement er nog jaren zal zijn.”


