De veerdienst tussen Enkhuizen en het Friese Stavoren bestaat 140 jaar. Daarmee is het de oudste veerdienst van Nederland. In die tijd is er veel veranderd. Wat begon als een veerdienst voor anderhalf miljoen reizigers en goederen, wordt nu voornamelijk gebruikt door fietstoeristen en dagjesmensen.
Het schip de Bep Glasius ligt in de vroege ochtend voor anker in de haven van Enkhuizen. Op de stuurhut wapperen de Noord-Hollandse en Friese vlag. Naast dat de veerdienst dit jaar 140 jaar bestaat, wordt ‘de Bep’ al 60 jaar gebruikt voor het varen van dit traject.
Binnen ademt het schip historie. Zo hangen er oude posters en kaarten aan de wand, staat de bar vol miniatuurschepen en andere zeegerelateerde antiek en zijn er veel houten elementen in de inrichting te zien.
Anderhalf miljoen reizigers en treinwagons aan boord
In 1886 werd de veerdienst opgezet om Leeuwarden met Amsterdam te verbinden. De Afsluitdijk bestond toen nog niet en de toenmalige Zuiderzee was nog zout. “Toen was de veerdienst noodzakelijk om mensen en goederen te vervoeren”, zegt Peter van der Schee, ‘de man op de wal’ van Rederij V&O. “Ze vervoerde toen anderhalf miljoen mensen per jaar.”
Vanuit Leeuwarden reed de trein rechtstreeks de haven van Stavoren in, waar reizigers konden overstappen op enorme schepen met twee raders aan de zijkant en een stoommachine op kolen.
Eenmaal aangekomen in de haven van Enkhuizen konden reizigers weer overstappen op de trein naar de hoofdstad. De reis duurde in totaal vier uur.
Tekst gaat verder onder de foto’s.
De schepen werden op een gegeven moment groter en moderner. Zo werd er in 1899 een zogenoemde spoorpont gebouwd, waardoor hele treinwagons over de Zuiderzee konden worden gevaren.
Fietstoeristen en dagjesmensen
Maar die tijden zijn veranderd. Nu is het formaat van de schepen een stuk kleiner en zijn het vooral dagjesmensen en fietstoeristen uit Nederland en Duitsland die gebruikmaken van de veerdienst.
In de maanden juli en augustus vaart de dienst iedere dag drie keer heen en weer. In mei, juni en september wordt er op maandag niet gevaren. De maanden daarna wordt er helemaal niet gevaren.
Verbinding tussen steden en mensen
In 2002 kwam ‘de Bep’ en daarmee het traject in handen van V&O Rederij van Anne Veenma en Jan van Oostende. Veenma was al jaren schipper en toen de kans zich voordeed om de veerdienst over te nemen, greep hij zijn kans schoon. “Hij was een oude kapitein en voer vroeger altijd”, vertelt zijn dochter Diana. “Bootjes waren het gewoon helemaal voor hem.”
In 2020 overleed haar vader Anne en sindsdien zetten zijn dochters en vriendin de rederij en het traject voort.
Volgens Diana is de geheim om het al zoveel jaar vol te houden niet alleen hard werken, maar ook het maken van verbinding. Niet alleen tussen Enkhuizen en Stavoren, maar ook tussen de reizigers aan boord. “Als je kijkt wie er aan boord stappen en wat ze gaan doen, dat is gewoon iets heel moois”, verklaart Diana trots.

