Verschillende heftige mishandelingen en een stijging van meldingen van jeugdoverlast. Ook de veertienjarige zoon van Enkhuizer Jesse Meijerink werd slachtoffer. Meijerink heeft ervaring als straatcoach en ziet meer coaches op straat als ultieme oplossing voor het probleem. De gemeente denkt na over zijn oproep. “Er moet iets gebeuren.”
Tien dagen geleden werden drie jongeren uit Enkhuizen van 14, 15 en 16 jaar opgepakt vanwege een mishandeling op het Tulpenplein in Enkhuizen. Hierbij werd het slachtoffer gedwongen om te vechten, waarna meerdere personen hem mishandelden. Dit werd gefilmd en op sociale media geplaatst. Inmiddels zijn de drie verdachten weer op vrije voeten.
De veertienjarige zoon van Jesse overkwam enkele weken eerder ongeveer hetzelfde, toen hij ’s avonds de supermarkt uitliep. Voordat de jongen het doorhad, werd hij naar de grond getrokken.
“Hij werd geschopt en in zijn gezicht geslagen. ‘Film het maar’, werd er eerst nog geroepen”, vertelde Meijerink vorige week. Zijn zoon hield een paar dagen last van zijn pols en arm en is er nog steeds flink van geschrokken.
Veel ervaring als straatcoach
Meijerink is directeur van een beveiligingsbedrijf in Enkhuizen én heeft veel ervaring als straatcoach in Amsterdam-Noord, als onderdeel van Stichting Aanpak & Overlast Amsterdam. Als het aan hem ligt, wordt dat project ook in zijn woonplaats toegepast. “Er moet iets gebeuren”, vindt hij.
Want hij ervaart dat de jeugdoverlast in zijn omgeving toeneemt. De gemeente bevestigt dit beeld: “Wij zien de afgelopen maanden een stijging in het aantal meldingen van jeugdoverlast. Deze zijn niet specifiek gerelateerd aan vernielingen of mishandelingen. Dit beeld zien wij niet alleen in de gemeente Enkhuizen, maar ook in omliggende gemeenten.”
Jongeren aanspreken op gedrag
Het initiatief werd ooit opgestart vanwege de overlast door jongeren. De straatcoaches zijn aanwezig op straat, houden de ‘hotspots’ in de gaten en hebben contact met jeugd en andere bewoners. “Dat contact kan vriendelijk zijn, maar mensen kunnen ook worden aangesproken op gedrag.”
“Straatcoaches noteren alles wat ze zien, houden niets achter en geven dit door aan de politie”
Jesse Meijerink heeft ervaring als straatcoach in Amsterdam
Meijerink legt uit: “Straatcoaches noteren alles wat ze zien, houden niets achter en geven dit door aan de politie. Dat kan van grote waarde zijn. Zeker bij jongeren. Wie houdt zich waar op, welke jongeren lopen ’s avonds laat nog op straat en is dat normaal? Dan kan er een huisbezoek volgen en een gesprek met de ouders. Dat maakt wel impact op die jongeren.”
Meijerink: “Je moet in contact met de jongeren blijven, dat is belangrijk. Maar wij houden als straatcoach niets achter en staan meer aan de kant van de politie, dan bijvoorbeeld een jongerenwerker. Je moet ook uitleggen waarom je dingen hebt gerapporteerd. Als je een stukje respect geeft, krijg je het weer terug ook. Maar bepaald gedrag is alleen op te lossen door te confronteren en er een sanctie aan te plakken.”
‘Als ze achttien zijn, heb je een groter probleem’
In Amsterdam-Noord sloeg deze methode aan, zeker bij jongeren werkt het goed, volgens Meijerink. “Jongeren van dertien of veertien die zich met mishandelingen of vernielingen bezighouden, worden uiteindelijk ook zeventien of achttien. Dan heb je een groter probleem. Als ze jonger zijn, kun je ze nog beter de goede kant op drukken. Dat werkte in Amsterdam heel goed, daar werd vaak de angel eruit gehaald. Dat kan hier ook.”
Een goede samenwerking is daarbij essentieel. “De wijkagent en de gemeente zijn de belangrijkste aanspreekpunten, maar er is dan ook goed contact met bewoners, scholen, de voetbalvereniging en winkeliers. Daar praten we ook mee. De straatcoaches zijn dan een soort van praatpaal, bij wie je alles kwijt kunt. Er kan een telefonisch meldpunt worden opgezet, die kan worden gebeld als er overlast is. Straatcoaches zijn dan snel aanwezig.”
Gemeente Enkhuizen: ‘Eerst verkennen, dan mogelijk contact’
De gemeente Enkhuizen treft al verschillende maatregelen, als het gaat om overlast door jongeren. Hierbij wordt door verschillende partijen samengewerkt. “Het jongerencentrum organiseert activiteiten en we hebben ambulant jongerenwerk. Dit houdt in dat jongerenwerkers de straat op gaan om met jeugd in contact te komen.”
“Ook de politie en boa’s nemen de locaties waar de jeugd vaak samenkomt mee in hun surveillancerondes. Bij het constateren van jeugdoverlast worden de jongeren daarop aangesproken en als het nodig is, wordt gehandhaafd. Als dezelfde jongeren vaker zijn betrokken bij overlast wordt de groep in beeld gebracht.”
Het borrelt bij Meijerink om aan de slag te gaan, na wat er allemaal is gebeurd de laatste tijd in Enkhuizen. “Mijn handen jeuken”, zegt hij. Hij zou zich graag inzetten voor zijn omgeving. “Mits er een goed plan ligt. Eén dag in de week een rondje fietsen, dat heeft geen zin.”
Oproep uit betrokkenheid
Zijn oproep komt voort uit betrokkenheid, benadrukt hij. “Wij wonen allemaal in Enkhuizen of de omliggende dorpen. We zijn betrokken en willen graag helpen. Het gaat mij, zeker ook als vader, aan mijn hart wat er nu allemaal in Enkhuizen gebeurt. Ik vind dat niet normaal.”
De gemeente Enkhuizen laat weten het initiatief van Meijerink ’te verkennen’, voordat wordt besloten of er contact wordt gelegd met Meijerink over dit initiatief.

