Een van de oudste nog zeilende charterschepen van Nederland – “misschien wel van Europa” volgens haar schipper Leon – La Bohème is donderdagochtend het podium voor de boekpresentatie over traditionele zeilschepen. ‘Een vloot vol verhalen’ is een bundeling van verhalen over ruim dertig traditionele zeilende schepen; de klippers en tjalken die we zo vaak in de havens van Enkhuizen, Medemblik en Hoorn zien. Allemaal gebouwd tussen 1876 en 1924, zijn de schepen varend erfgoed die door de schippers varend worden gehouden. Dit boek vertelt de historie van de schepen door de jaren heen. En reflecteert daarmee de veranderende economie en maatschappij van Nederland. Van kleinschalig transport op de wind naar grote industrie op de motor en terug naar het zeilen voor plezier met gasten.

Schipper Leon van der Loon vaart al 37 jaar met de stevenaak La Bohème. Het schip werd in 1867 gebouwd als zeilend vrachtschip dat tussen Rotterdam en Duitsland op de Rijn voer. Er waren nog geen scheepsmotoren, dus daarom is het een rank schip, dat snel kan zeilen. En tegen de stroom in, met vracht voor Duitsland. En precies dat snelle zeilen doet schipper Leon nog steeds met gasten aan boord van het ruim 150 jaar oude schip. Afgelopen oktober won hij dan ook de Klipperrace in Enkhuizen.

Tekst gaat verder onder afbeelding

V.l.n.r. Mevrouw Sjerps – burgemeester Harlingen, Hendrik Boland – voorzitter Holland Sail, Leon van der Loo – eigenaar La Bohème, mevrouw Hoekstra – burgemeester Enkhuizen.
Foto: Evie Stroomer Fotografie

Het verhaal van La Bohème en Van der Loon staat nu opgeschreven als één van de verhalen in het nieuwe boek. Hendrik Boland, voorzitter van Holland Sail, de coöperatie waarin veel schippers werken en initiatiefnemer van het boek, reikt het boek uit aan de burgemeesters van Enkhuizen en Harlingen. Die twee steden zijn aan elkaar gebonden door het varend erfgoed. Veel van die zogenaamde ‘bruine vloot’ is verdeeld over de twee havens. Burgemeester Jeltje Hoekstra van Enkhuizen vertelt waarom het belangrijk is dat de verhalen verteld worden: “De oude dingen hier gaan pas leven als je de verhalen hoort. De schepen horen in het beeld van de haven, maar met deze verhalen gaan ze nog meer leven.”

De eerste generatie schippers die de tjalken en klippers uit de vrachtvaart haalde en ze weer restaureerde naar zeilende charterschepen begint de pensioengerechtigde leeftijd te bereiken. Veel van die schippers waren in de jaren zeventig op zoek naar een nieuwe manier van leven en wonen. De schepen waren daarbij een oplossing die paste bij de passie die zij hadden voor het zeilen.

Van der Loon spotte zijn huidige schip in 1978 in de grachten van Amsterdam. “Het was een woonschip. Ik kon het toen nog niet kopen, maar het was precies wat ik zocht. Tien jaar later kocht ik het. En toe begon het werk, want het was een wrak.” In de eerste jaren restaureerde hij vrijwel ieder onderdeel. Zo werd La Boheme door de jaren heen een van de strakst onderhouden schepen in de vloot. Van der Loon wordt emotioneel als hij vertelt over de toekomst. “De komende 150 jaar zijn wij er niet meer bij, maar ons verhaal is nu vastgelegd. En ik hoop dat La Boheme en andere erfgoedschepen de komende 150 jaar met toekomstige enthousiaste schippers nog steeds kunnen blijven varen.”