In Hoorn wordt opnieuw gesproken over vergunningparkeren en wel in de Grote Waal, het Venenlaankwartier en Hoorn-Noord. Het lijkt een logische stap: als de auto’s uit de ene straat of wijk verdwijnen, komt er lucht en ruimte voor bewoners met een vergunning. Maar in feite is het niet meer dan het verplaatsen van het probleem.

Vergunninghouders hier, beperkingen daar. Het parkeerprobleem in de binnenstad en directe omgeving is als een druppel vloeistof op een servetje. Een druppel die zich langzaam uitbreidt, kringen vormt, en steeds verder uitvloeit. Daarnaast wordt een bezoek afleggen een complexe aangelegenheid.

Zolang er geen structurele oplossing komt, breidt de olievlek (de parkeerders) zich steeds verder uit. De ene straat wordt rustiger, de volgende voller. Bewoners die blij waren met de invoering van vergunningen zien na verloop van tijd hoe de overlast zich simpelweg verplaatst naar de aangrenzende straat. Het bekende waterbedeffect.

Al jaren wordt gepleit voor een echte, toekomstbestendige oplossing: een grote ondergrondse parkeergarage in het stationsgebied van Hoorn. Met plaats voor meer dan duizend auto’s, duizenden fietsen en een ondergrondse doorgang naar de binnenstad, waarmee een tunnel (tegenwoordig onderdoorgang genoemd) en een voetgangersbrug (heel chic Traverse genoemd) overbodig zijn.

Die honderd miljoen euro’s kunnen we aanzienlijk beter besteden. Daarmee geef je bezoekers én bewoners een plek. Een plek die niet ten koste gaat van leefbaarheid in de woonwijken, maar juist bijdraagt aan een aantrekkelijk centrum. Want een binnenstad waar parkeren wordt ontmoedigd jaagt niet alleen auto’s weg, maar ook mensen, klanten, levendigheid.

Het idee dat je parkeren kunt ontmoedigen door het moeilijk te maken, is in de praktijk zelden succesvol. Mensen blijven komen – of ze nu naar winkels, horeca, het ziekenhuis of evenementen trekken. En als ze hun auto niet kwijt kunnen in de buurt waar ze willen zijn, zoeken ze verder. Net zolang tot ze die druppel zijn die zich aan de rand van het servetje heeft genesteld.

De vraag is dus niet of we parkeerders kunnen tegenhouden, maar waar we ze opvangen. Een goed bereikbare, ruime parkeergarage onder het stationsgebied is geen luxe, maar noodzaak. Met een voor iedereen aanvaardbaar tarief. Het is de enige manier om te voorkomen dat de vlek zich steeds verder uitbreidt en wijk na wijk in beslag neemt.

Zolang Hoorn kiest voor halve maatregelen, blijft het dweilen met de kraan open. Vergunninghouders krijgen misschien tijdelijk lucht, maar de stad als geheel ademt steeds moeilijker. Gemeenteraad en college moeten nu kleur bekennen: blijven we het probleem verschuiven, of leggen we eindelijk de fundering voor een echte oplossing.