Uit een NVWA-inspectierapport uit 2024 dat onderzoeksgroep Ongehoord in handen kreeg, komt naar voren dat pluimveeslachterij Plukon uit Oosterblokker gebruik maakt van een slachtlijn die niet voldoet aan de criteria van het toegekende Beter Leven keurmerk. Plukon zou daarmee dat keurmerk daarom al twee jaar onterecht voeren. Volgens de woordvoerder van Ongehoord, Johan Boonstra, negeert de Dierenbescherming – de instantie die het Beter Leven keurmerk toekent – daarmee dierenleed door niet in te grijpen. Datzelfde verwijt hij de Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit (NVWA). Beide instanties zouden imagoschade voor Plukon willen voorkomen. “Dat is de wereld op zijn kop”, vindt Boonstra.
Voor een Beter Leven slachtlijn met één ster gelden strenge regels en normen. Die gelden zowel voor de aanvoer van pluimvee, maar ook voor een humane behandeling van de dieren en verdoving voorafgaand aan de slacht. Door een nieuw systeem, dat in 2022 door de Plukon-vestiging werd ingevoerd, werden kippen in bakken zonder deksel naar de slachtlijn aangevoerd.
Hierdoor zouden de dieren uit de bak kunnen springen en daardoor blijven haken of van hoogte kunnen vallen. Ook zouden kippen uren lang zonder water en eten in de transportbakken worden gehouden, waardoor velen van hen stierven. In de slachtlijn zelf komt het regelmatig voor dat kippen levend uit elkaar worden getrokken.
“Wat wij vooral merkwaardig vinden, is dat de Dierenbescherming de Beter Leven ster van Plukon niet intrekt. Blijkbaar staan de Dierenbescherming en de NVWA achter de vleesindustrie en lijken zij zich meer zorgen te maken over reputatieschade voor slachtbedrijven, dan over dierenleed”, stelt Boonstra.
Magen draaien om van deze beelden
Niels Kalkman van de Dierenbescherming vindt de aantijging onterecht. “Wij staan absoluut niet achter dierenleed en zijn erg geschrokken van de beelden die Ongehoord naar buiten heeft gebracht. Wij zijn een intern onderzoek gestart om te kijken of wij eerder op de hoogte waren het onderzoek van de NVWA en welke actie wij kunnen nemen. Als blijkt dat de informatie in strijd is met de eisen die wij stellen voor het Beter Leven-keurmerk, zullen wij passende maatregelen treffen.” Volgens Kalkman heeft Ongehoord de Dierenbescherming niet op voorhand geïnformeerd over de rapporten, waardoor de Dierenbescherming een informatie-achterstand ervaart.
Boonstra: “Wij nemen geen contact op met de NVWA en de Dierenbescherming, omdat wij merkten dat zij onze publicaties proberen te ondergraven. Als dat hun agenda is, komen wij met feiten en mogen mensen zelf een oordeel vellen. Het imago van de vleesindustrie hebben deze organisaties hoger in het vaandel dan het bestrijden van dierenleed.”
Kalkman is het oneens met deze stellingname van Ongehoord. “Het is een grijsgedraaide plaat en het klopt niet. Als wij overtredingen zien van de eisen voor een Beter Leven-keurmerk, zoeken wij altijd manieren om die bedrijven passend te straffen. Wij kiezen ervoor om de omstandigheden waaronder vee wordt geslacht, waar mogelijk zo goed en humaan te maken. Volgens ons werkt deze aanpak een stuk beter dan hard vanaf de zijlijn roepen, zoals Ongehoord dat doet.”
Woordvoerder Kalkman van de Dierenbescherming vindt dat Ongehoord in dit geval wél aantoonbaar walgelijke misstanden heeft geconstateerd. “Onze magen draaien om van deze beelden. Als het is vast te stellen is dat dit inderdaad Beter Leven-kippen waren en er overtredingen van keurmerk-eisen worden vastgesteld, gaan we zeker maatregelen nemen.”
Volgens Ongehoord, dat inspectierapporten in handen heeft gekregen, hebben de inspecteurs van de NVWA deze dieronvriendelijke overtredingen waargenomen, maar zouden deze vanuit hogerhand als ‘kleine’ overtredingen zijn bestempeld. “Er zijn in de periode vanaf 2022 wel boetes uitgedeeld, maar we zien dat Plukon daar niks mee heeft gedaan”, zegt Boonstra. “Volgens de NVWA is er niks aan de hand. En dat wijst op een beleid om de industrie beter te presenteren dan dat die daadwerkelijk is.”
Geen beleid om industrie te beschermen
De Voedsel- en Waren Autoriteit herkent zich niet in deze constatering. “Wij zijn een onafhankelijke toezichthouder en treden op bij de overtredingen van dierenwelzijn of voedselveiligheid. Als een bedrijf herhaaldelijk de fout in gaat, wordt een bedrijf onder verscherpt toezicht gesteld. Bij onvoldoende verbetering, kunnen we een bedrijf schorsen. Dat wordt ook gedaan”, vertelt Bjorn Elsebroeck van de NVWA.
“Een boete kan gegeven worden, waarna het een tijd lang goed gaat. Maar het interval van een volgende controle kan variëren”, gaat hij verder. “Het is lastig om daar nu iets over te zeggen. Dat er beleid zou zijn om de industrie te beschermen is klinkklare onzin.”
“Naast het opleggen van boetes nemen we ook herstelmaatregelen op een bedrijf, zoals het opleggen van maatregelen ter bescherming van dierenwelzijn,” volgens Elsebroeck hebben deze maatregelen een beter effect op de bedrijven dan enkel een geldboete. “De NVWA heeft geen enkel belang om misstanden in slachterijen te verdoezelen. Het aantal controles en het aantal schriftelijke waarschuwingen en boeterapporten per bedrijf worden actief openbaar gemaakt.”
NVWA krijgt onvoldoende middelen vanuit overheid
Toch erkent de Dierenbescherming dat er nog steeds misstanden plaatsvinden in de veehouderij in Nederland en dat de NVWA niet alles kan voorkomen. Volgens Kalkman komt dit vooral voort uit een gebrek aan capaciteit bij de toezichthouder. “Wij delen de zorg met Ongehoord dat er te weinig middelen zijn om dit constructief uit te kunnen bannen en dat de rol van de NVWA hierin lastig is. Er liggen heel veel taken bij de NVWA maar daar staat niet voldoende steun vanuit de overheid tegenover.”
Hoe Ongehoord aan de inspectierapporten is gekomen, willen zij niet vertellen. “Maar men zou zich kunnen bedenken dat er binnen de NVWA medewerkers zijn die kritisch zijn over de werkwijze van hun eigen organisatie”, zegt Boonstra. “Want het doel van Ongehoord is niet om de rapporten voor te leggen bij de NVWA of de Dierenbescherming. Wij constateren dat er in de vleesindustrie – door de NVWA, de Dierenbescherming en andere organisaties – onjuiste informatie wordt gegeven. Wij zijn niet in discussies met organisaties, maar brengen vooral eerlijke informatie naar buiten via de media.”
Plukon is benaderd voor medewerking aan deze publicatie, maar was tot op heden onbereikbaar voor een reactie.

