Al twee weken zeilen de Friezen er flink op los met hun traditionele skûtsjes. Komend weekend mag ook Enkhuizer Thomas de Boer eindelijk los. Hij doet mee in het Open Kampioenschap (IFKS) en vaart daarmee in de voetsporen van Jan Bakker, die in de jaren ’80 het Friese feestje verpestte door bij zijn eerste deelname te winnen.

Ruim een week geleden schreven we over de opmerkelijke zege die Bakker boekte in 1985. De zeilwedstrijden waren en zijn een echt Fries feestje, maar daar trokken hij en zijn team uit Enkhuizen zich weinig van aan.

“Hij kwam uit met de Hollandse Nieuwe”, vertelt Thomas de Boer over zijn voorganger. “Dat was het Enkhuizer skûtsje met drie haringen op het zeil, dus hij werd ook wel De Drie Haringen genoemd. Toen hebben wij gezegd: we geven dat boek een volgend hoofdstuk en we noemen ons schip De Drie Haringen.”

De Drie Haringen bij een eerder toernooi

De weduwe van Jan Bakker, Agnes Koot, vindt het erg mooi dat er nu weer Enkhuizers meedoen bij het skûtsjesilen. “Ik denk dat Jan erg trots zou zijn. Hij is toch degene die het initiatief heeft genomen. Dat het na zoveel jaar weer gebeurt… ik denk dat hij niet alleen heel trots, maar ook heel betrokken geweest zou zijn.”

Verschil SKS en IFKS 

Je hebt twee verschillende toernooien rond het skûtsjesilen deze weken: het SKS en het IFKS. Bij het SKS, dat morgen de laatste dag kent, komen de skûtsjes uit een dorp of een stad uit Friesland. Een gesloten competitie dus.  

Bij het IFKS, het Open Kampioenschap, mogen de deelnemers ook uit andere provincies komen. Dat toernooi begint dit weekend.

Het schip van Thomas en zijn compagnon Jorrit is flink verbouwd afgelopen winter. Er verdween een hoop gewicht en er zitten onder andere een nieuwe mast en giek op, vertelt de Enkhuizer trots: “We zijn weer helemaal terug.”

De Drie Haringen bij een eerder toernooi

Hij zegt dat omdat het team eerdere jaren ook meedeed met het kampioenschap. “We begonnen heel enthousiast in 2018, in 2019 trokken we het aardig door. Toen gooide corona roet in het eten. Daarna hebben we de draad weer opgepakt en gezegd: er komt een moment aan dat we de boel flink moeten verbouwen en veranderen om fatsoenlijk mee te kunnen doen. Dat is het afgelopen jaar gebeurd.” 

Je hebt drie klassen bij het IFKS. Thomas en zijn team zitten in de C-klasse, maar hopen de komende jaren op te klimmen. “We hebben er echt heel veel zin in.”