Het is even voor negenen ’s ochtends als Arie Kaan het rolluik van de kaaswinkel opent. De torens van kaas in de etalage komen tevoorschijn. Het is slechts een van de handelingen die onderdeel uitmaakt van een dagelijks openingsritueel.

Na de bordjes aan de luifel en de gevel geplaatst te hebben, wordt een houten etalageplank in het raamkozijn geschoven, waar de kazen de aandacht dienen te trekken van het passerend publiek. Binnen in de winkel onderstreept de piepende houten deur naar het kantoortje de karakteristieke sfeer die in dit pand hangt. Het heeft iets weg van een museum. Het is al met al een uniek plaatje waar voorbijgangers regelmatig even voor stoppen om een foto te maken.

Bekijk hier de video. De tekst gaat verder.

Dat museumgevoel is niet vreemd voor een zaak die al ruim 113 jaar diep geworteld is in de Hoornse binnenstad. De geschiedenis van het familiebedrijf voert ons terug naar 1913. Daar, een straat verderop aan het Nieuwland, begon de overgrootvader van Arie als vijftienjarige jongen zijn eigen groothandel. Pas later opende hij de huidige winkel aan de Gouw, speciaal voor zijn vrouw. In die begindagen zag de etalage er nog heel anders uit; de handel draaide toen hoofdzakelijk om de karakteristieke Edammertjes, die werden ingekocht op de lokale kaasmarkt in Hoorn.

Komt er een vijfde generatie kaasmakers?

Inmiddels is het stokje via opa en vader overgedragen aan Arie en zijn broer. Hoewel hun vader dit jaar een stapje terug heeft gedaan, is de passie nog altijd tastbaar aanwezig; de kennis en liefde voor het vak zijn immers van generatie op generatie doorgegeven.

Terwijl de klanten de drempel van de kleine winkel overstappen, wordt er al voorzichtig naar de toekomst gekeken. Met twee jonge zonen en een derde kindje op komst, is de vijfde generatie Kaan in de maak. Of zij de zaak ooit overnemen, zal de tijd leren, maar als het aan Arie ligt, blijft het vertrouwde plaatje op de Gouw nog lang bestaan.

Lachend kijkt hij vooruit: “Ik denk dat je er al gauw nog veertig jaar aan vast kunt plakken. De honderdvijftig jaar aantikken, dat moet zeker lukken.”