Nog slechts enkele weken kunnen we genieten van de huidige samenstelling van onze gemeenteraad. Mijn voorspelling is, dat er tussen nu en 18 maart door raadsleden geen overstapjes worden gemaakt naar een andere fractie. Dat gaat pas gebeuren nadat de nieuwe raad is aangetreden.
Wie denkt dat de huidige recordtijd om te switchen, dat in handen ligt van Patrick Hoefman, niet meer verbeterd kan worden, kan natuurlijk gelijk krijgen, maar je weet het maar nooit. Er zitten nog verbetermogelijkheden tussen het moment van doen van gelofte door nieuwe raadsleden en het formeren van een nieuw college, waardoor raadszetels vrij komen omdat er wethoudersposten moeten worden ingevuld.
Wanneer je naar de leden van de nog zittende raad kijkt, zie je vijftien mensen die ooit in een fractie met een andere naam zaten. Sommigen van hen stapten langgeleden al uit hun eerste fractie en anderen presteerden dat in de afgelopen periode. Neem van mij maar aan dat het overstappen niet altijd lichtzinnig verliep. Er gingen meestal maanden van getormenteerde deelname aan fractie- en raadsvergaderingen aan vooraf.
Er zijn verschillende oorzaken voor zo’n periode van lijden aan te wijzen. Het meest voor de hand liggende zou moeten zijn dat er een groot verschil in politiek inzicht is ontstaan. Maar dit is tevens een moeilijk te verkopen argument aan hen die blind zijn voor de subtiele verschilletjes tussen de verschillende partijtjes.
Wanneer mensen zich laten charteren om zich aan te sluiten bij een fractie zal dat vooral zijn gebaseerd op het beeld dat door die fractie wordt uitgedragen bij het behandelen van voor Hoorn belangrijke onderwerpen. Men heeft een verkiezingsprogramma doorgelezen, of men heeft zich laten inspireren door een al zittend partijlid.
De boodschap van die partij is bijna één op één ook de boodschap van de over te halen of zich zelf aanbiedende kandidaat. In een grondig voorgesprek kunnen de partijleden horen of de inzichten van kandidaat en fractie overeenkomen en ook of de kandidaat dit ook serieus meent en zelfs als blijvertje voor de eigen partij kan worden beschouwd. Een partij kan heel blij worden van zo’n kandidaat.
Misschien is het ook wel eens gebeurd dat, desnoods via een geanimeerd gesprek aan de toog van een lokaal café na het vijfde biertje het besluit wordt genomen: ‘Ik doe met jullie mee!’ Of dat aan een goede kennis of kennis van kennis over wie heel goede berichten zijn gehoord wordt gevraagd: ‘Is dat niet iets voor jou? Nee, serieus, jij hebt goede ideeën en als raadslid kun je er veel meer aan doen!’ Dat kan zelfs heel goed een partijgenoot opleveren, die de partij blijft versterken, zonder ook maar een moment van overweging het echte heil maar bij een andere fractie te zoeken.
Een andere ook zeer voorstelbare splijtzwam is de botsing van persoonlijkheden. De manier waarop de leiding van een partij omgaat met de wijze waarop de partijboodschap uitgedragen dient te worden kan uiteindelijk als ergernis gevend worden ervaren en na enige tijd moet de bom barsten. Geef je dan als zittend raadslid je de zetel terug en meld je je aan bij een andere fractie waar je je beter op je plaats vermoedt om vervolgens af te wachten of je bij de volgende verkiezingen op een verkiesbare plaats wordt gezet of neem je je zetel mee om jouw zegenende invloed op de Hoornse politiek bij voorbaat veilig te stellen?
En hoe reageer je daarop als buitenwacht of als nauwelijks in partijpolitiek geïnteresseerde Hoornse burger? Hoe vaak zal dan worden gereageerd met de verzuchting: ‘Hehe, eindelijk! Dat werd toch eens tijd, zeg!’ Ik voorspel dat het eerder een negatieve opmerking uitlokt. Een opmerking die duidelijk maakt dat het vertrouwen in de politiek niet groter wordt. ‘Ze doen maar,’ of helaas iets te vaak: ’Hun doen maar.’
Ik probeer mijzelf af en toe voor te houden dat overstappen naar een andere fractie betekent dat men iets scherper bij de les is. Politici die overstappen zijn in de meeste gevallen geen backbencher (Excusez le mot!), maar mensen die iets willen bereiken, doch binnen het keurslijf van hun eerdere fractie niet uit de verf kunnen komen.
Ik moet bekennen dat ik dit graag altijd zo wil bekijken, maar dat het me wel enige moeite kost. Ik kijk dan ook naar de manier waarop een ontzettend hoog aantal kleine fracties een verdeeldheid laat zien in de raad, waar de stad ook niet mee gediend is. En hoe maak je nou eigenlijk duidelijk genoeg aan de kiezers welke van de tig fracties het meest zaligmakend is voor Hoorn? Dat gaan we helaas niet horen, vrees ik.
Disclaimer: De inhoud van de column is uitsluitend voor rekening van de auteur. Streekomroep West-Friesland is niet ge- of verbonden aan een politieke partij of welke politieke richting dan ook, maar geheel autonoom en onafhankelijk.


