Tijdens heftige rechtszaken – na bijvoorbeeld moord of verkrachting – staan slachtoffers en nabestaanden oog in oog met verdachten of daders. Dit leidt niet zelden tot heftige emoties en soms zelfs tot vechtpartijen. Is het logisch dat beide partijen met elkaar in de rechtszaal worden geconfronteerd? “Strafrecht is emotie, maar het moet niet leiden tot strafbare feiten.”
“Als ik je buiten tegenkom, maak ik je af”, beet Uzma de dader toe. Zij is de zus van de in 2022 vermoorde Dani. De bedreiging volgde vorig jaar na een eerste directe confrontatie in de rechtszaal, toen de al veroordeelde Hassan Al D. zijn excuses wilde aanbieden. “Er borrelde veel woede, zeker toen hij zijn excuses aanbood. Ik heb het uit emotie gezegd, maar ik ben echt niets van plan”, zei ze na afloop.
Maar het Openbaar Ministerie nam de uitingen wél serieus en startte een onderzoek tegen de zus. Zo werd ze naast slachtoffer ook verdachte en moest ze bij zowel de politie als het Openbaar Ministerie op het matje komen, als verdachte van bedreiging. De officier van justitie heeft de zaak voorwaardelijk geseponeerd, met een proeftijd van 1 jaar.
‘Oog hebben voor de omstandigheden’
Liselotte van Gaalen is de advocate van de zus van de omgebrachte Dani. “Ik keur de bedreiging zeker niet goed, maar je moet wel oog hebben voor de omstandigheden van mijn cliënte als nabestaande. Het is voor zo iemand heel lastig om in dezelfde ruimte te zitten met een verdachte of iemand die al is veroordeeld.”
Uzma zelf worstelt met het feit dat ze meerdere keren met de dader in dezelfde rechtszaal bivakkeerde. “Het is heel krom om op een paar meter te zitten van degene die ervoor heeft gezorgd dat mijn broertje er niet meer is.”
‘Paar incidenten in 26 jaar’
Twee weken geleden ging het ook mis bij de ingang van de rechtbank in Den Haag, toen aanhangers van een rapper het aan de stok kregen met een slachtoffer.
Toch zijn dit incidenten die op zichzelf staan, zegt slachtofferadvocaat Richard Korver. “Ik doe dit werk nu 26 jaar, maar ik heb het maar een paar keer meegemaakt dat er iets gebeurde. En als er al iets gebeurt, zijn het vaak verbale verwijten. Denk aan uitschelden.”
Vanuit de rechtspraak is het juist goed dat beide partijen aanwezig zijn, zodat de rechter de verhalen van beide kanten kan horen en de partijen op elkaar kunnen reageren, vindt Korver. Hij is naast slachtofferadvocaat ook voorzitter van het Landelijk Advocaten Netwerk voor Gewelds- en Zedenslachtoffers (LANGZS).
Deelnemen via videoverbinding
En, zo weet hij, er zijn wel degelijk opties om slachtoffer en verdachte tijdens een rechtszaak te scheiden. Bijvoorbeeld door het slachtoffer of verdachte via een videoverbinding deel te laten nemen.
Korver: “Dat gebeurt soms, wanneer het slachtoffer of de verdachte het emotioneel echt niet aankan. Maar ik kan er niet voor zorgen dat het slachtoffer de zaal niet in komt, want die heeft recht om bij die zitting te zijn. Sowieso wil de rechter vaak de verdachte voor zich zien.” Een videoverbinding kan ook worden ingezet uit veiligheidsoverwegingen.
Tekst gaat verder onder de foto
“Er zijn ook rechtbanken in Europa die meerdere ingangen hebben”, weet Korver. “Dat kan handig zijn om de kampen gescheiden te houden, in plaats van dat iedereen door de hoofdingang naar binnen gaat. Dan moet er toch echt wel sprake zijn van een objectieve dreiging tegen het slachtoffer, wil de rechtbank daarmee akkoord gaan.”
Daar zou Uzma wel iets voor voelen. “Ik vond het heel erg om samen met de familieleden van de dader de rechtszaal naar binnen te gaan. Op de stoep van de rechtbank sta je op een paar meter van elkaar een sigaretje te roken. Dan kan het heel snel misgaan. Dan zou een aparte ingang geen gek idee zijn.”
Extra politie in rechtszaal
Daarnaast kunnen partijen worden gescheiden door één partij op de publieke tribune plaats te laten nemen. In sommige gevallen wordt er extra politie ingezet om escalatie te voorkomen.
Want veel rechtszaken gaan gepaard met heftige emoties. Zeker aan de kant van nabestaanden of slachtoffers. “Dat wordt door de rechters ook wel begrepen. Strafrecht is emotie, maar het moet niet leiden tot strafbare feiten”, zegt Korver.
Voorgesprek met officier van justitie
Ook Van Gaalen ziet vaak de impact die een zaak heeft op betrokkenen. “Wat je ook regelmatig ziet, is dat mensen even de zaal verlaten, als de emoties de overhand nemen. En het helpt dat er vaak een voorgesprek is met de officier van justitie. Dan wordt de angel er qua emoties vaak al een beetje uitgehaald.”
Veel slachtoffers of nabestaanden worstelen met het wel of niet aanwezig zijn bij een beladen rechtszaak. Zo ook Uzma. “Het is en blijft pijnlijk. Maar ik denk dat ik er meer moeite mee had gehad als ik hem nooit had gezien. Het is een gekke tegenstelling.”
Slachtofferhulp Nederland: “Keuze is altijd aan slachtoffer”
Slachtofferhulp Nederland biedt gratis ondersteuning aan slachtoffers, getuigen en nabestaanden van misdrijven, verkeersongevallen en rampen.
Ook zij zien dat de impact van een ontmoeting in de rechtszaal groot kan zijn. “Hoe zij die confrontatie ervaren, verschilt per persoon. De ene persoon wil de verdachte recht in de ogen kijken en hem of haar confronteren met wat er is aangedaan. Dat kan helpen om weer regie te voelen of erkenning te ervaren. De ander kiest er juist bewust voor om de zitting vanaf de achtergrond bij te wonen (bijvoorbeeld via videoverbinding), of helemaal niet aanwezig te zijn. Die keuze is altijd aan het slachtoffer of de nabestaanden”, zegt een woordvoerder van Slachtoffer Nederland.
“Wat Slachtofferhulp Nederland hierin doet, is het slachtoffer of de nabestaanden vooraf goed informeren en begeleiden bij die keuze en uitleggen hoe een rechtszaak in z’n werk gaat. Dat betekent dat wij niet invullen wat iemand nodig heeft, maar dit bespreken en afstemmen. Op die manier proberen we te voorkomen dat een rechtszaak een nare ervaring wordt, in plaats van een stap richting recht en herstel.”

