De bakkende en buikdansende Nataliia Yaroshenko woont sinds de oorlog samen met haar gezin en moeder in Opperdoes. Inmiddels heeft ze haar draai in onze regio gevonden, maar hoe kreeg ze dat voor elkaar? “Soms huil ik twee uur lang, maar dan veeg ik mijn tranen en ga ik door.”

De één kan niet wachten om terug te keren naar het vaderland, de ander probeert hier een nieuw leven op te bouwen. Bijna 2,5 jaar na het uitbreken van de oorlog in Oekraïne verblijven er nog altijd bijna 1.500 vluchtelingen in West-Friesland. In de verhalenserie ‘Tussen toekomst en heimwee’ zoomen we in op de Oekraïners in onze regio.

Inmiddels heeft Nataliia haar draai in West-Friesland gevonden. Zo werkt ze in een banketbakkerij én geeft ze buikdansles. Maar het was niet altijd even makkelijk. “Op het moment dat de oorlog uitbrak, ben ik met mijn toen nog twee kinderen in de auto gestapt en gevlucht”, vertelt ze voorafgaand aan haar buikdansles. “Op dat moment moest ik mijn emoties aan de kant zetten en vrolijk blijven voor mijn kinderen, zodat ze niet bang werden.”

Het ziet er naar uit dat de oorlog tussen Rusland en Oekraïne voorlopig nog niet voorbij is. Hoe blijf je positief als je land in puin ligt? “Soms huil ik twee uur lang, maar dan veeg ik mijn tranen en ga ik door.” Volgens de Oekraïnse heeft het geen zin om bij de pakken neer te gaan zitten. “Anders kan je gelijk stoppen met leven.”

Ze woont al lange tijd in het opvangcentrum in Opperdoes. Een aantal jaar werkt Nataliia nu met veel plezier bij Bakkerij Raat in Medemblik, als banketbakker. “Ik ben thuis begonnen met het bakken van vegan taarten. Ik vond dat zo leuk om te doen, dat ik uiteindelijk opzoek ben gegaan naar een baan als banketbakker.” Dankzij de hulp van iemand uit Medemblik kon ze aan de slag bij de Raat.

Naast de ‘leuke’ werkzaamheden, heeft ze ook een goede band met haar collega’s. Het grootste gedeelte het team is Nederlands. “Ze hebben mij geholpen met het begrijpen van de cultuur. Ik snap de Nederlandse feestdagen bijvoorbeeld nu meer.” Eigenlijk alleen maar pluspunten en daarnaast gaf het haar ook financiële vrijheid: “Ik ben niet meer afhankelijk van de overheid, dat vind ik erg fijn.”

Nataliia zit niet stil, want naast haar werkzaamheden in de bakkerij, geeft ze nu sinds mei ook buikdansles. “Voordat de oorlog uitbrak heb ik in Oekraïne vijftien jaar mijn eigen buikdansschool gehad.” Daar was het booming business. Het is hier moeilijker om klanten te werven dan in Oekraïne”, merkt Nataliia op. Waar er nu vier mensen haar les bezoeken, gaf ze in Oekraïne les aan minstens vijftien duikdansers. “Het is anders, maar ik ben blij dat nu ook in Nederland buikdansen kan geven.”

Zolang de oorlog in haar thuisland nog bezig is, blijft haar toekomst ongewis. “Ik wil in ieder geval een veilige toekomst voor mijn kinderen.” Nederland inmiddels voelt als een tweede thuis voor Nataliia. “Maar als de oorlog voorbij is, dan wil ik wel terug naar Oekraïne.”